Strategische Koers: moet het roer om?

De Centrale Medezeggenschapsraad heeft de mening gepeild van docenten over de invoering van de Strategische Koers. Twijfel voert de boventoon.

Sinds het College van Bestuur besloot om de weg in te slaan van de Strategische Koers, hebben er bij de Centrale Medezeggenschapsraad vragen bestaan in hoeverre deze koerswijziging nu werkelijk zal bijdragen aan de beoogde doelen: minder onnodige uitval, beter onderwijs. Ook worstelde de Raad met de vraag in hoeverre de docenten voldoende bij dit proces betrokken zijn en zich erbij betrokken voélen. Om daar een beter beeld van te krijgen besloot de Raad enige maanden geleden om een peiling hierover uit te voeren onder docenten. Ze wilde een breed beeld krijgen van opvattingen van docenten in verschillende domeinen en opleidingen over de inhoud en het proces rondom ambitie 1 van de Strategische Koers (een eigen leerroute voor elke student). De Raad vroeg het College van Bestuur om hierin samen op te trekken maar het College wees dat aanbod aan het begin van dit schooljaar af.

Breed palet aan meningen

De peiling werd in oktober afgenomen. Elk lid van de CMR benaderde hiervoor tien docenten. De reacties waren enthousiast en vaak uitgebreid. De helft van de respondenten nam tien minuten of meer de tijd om alle vragen te beantwoorden. De peiling leverde zo ‘een breed palet aan meningen op en veel tekstuele toelichting’. Aldus de CMR in haar rapportage. Uiteindelijk konden 288 ingevulde formulieren in het onderzoek worden meegenomen. De Raad is van mening dat de peiling een goed beeld geeft van de meningen van de docenten over de Strategische Koers.

Die meningen lopen vaak sterk uiteen maar bij een aantal cruciale vragen lijkt er sprake te zijn van grote overeenstemming. En dan gaat het met name om het vertrouwen dat de docenten hebben in het positieve effect van de Strategische Koers. Op vraag of de eigen leerroute voor de student onnodige uitval zal kunnen voorkomen, antwoorden 108 docenten dat zij dat in enige mate niet verwachten; 74 twijfelen, de rest, zo’n honderd docenten, gelooft dat dat wél zal gebeuren. Een scherp verdeeld beeld. Op de vraag of de eigen leerroute zal bijdragen aan een betere opleiding antwoorden er 132 ‘oneens’, 76 twijfelen. Pakweg eenzelfde scheiding der geesten doet zich voor bij de vraag naar de uitvoerbaarheid van individuele leerroutes.

Flexibilisering onderwijs

Wat de flexibilisering van het onderwijs betreft, toont de grote meerderheid zich een voorstander van deze ontwikkeling, maar ook hier zijn er grote twijfels of dit onnodige uitval zal voorkomen (100 oneens, 75 twijfel, 113 eens). Opvallend is verder dat docenten van mening zijn dat ze in de invoering van de Koers onvoldoende gehoord worden. Dat wil zeggen, 138 van de 288 docenten kunnen zich niét vinden in de manier waarop de Strategische Koers nu wordt ingevoerd.

En op de stelling dat men ‘het gevoel heeft gehoord te worden’, laten 73 docenten haarscherp weten het daar ‘helemaal mee oneens’ te zijn. (43 zijn het er ‘enigszins mee oneens’, 57 twijfelen, 42 zijn het er wél mee eens.) De geënquêteerden konden door middel van open vragen hun menig ook op een persoonlijker manier verwoorden. Ook daarin klinkt de bezorgdheid sterk door, met opmerkingen als: ‘studenten kunnen helemaal geen eigen koers bepalen’, ‘zoals het nu gaat leidt het eerder tot kwaliteitsverlies’, en: ‘Flexibiliteit prima maar wel primair focussen op beroepsbekwaamheidseisen’.

CMR-voorzitter Claudia Tempels is erg blij met de hoge respons op de vragenlijst en constateert dat de gegeven antwoorden het beeld dat de CMR heeft van de invoering bevestigt. ‘We kunnen concluderen dat onze docenten voorzichtig positief zijn over de uitgangspunten van ambitie 1 uit de Strategische Koers, maar dat ze zich niet goed vinden in de uitwerkingen ervan. Docenten ervaren te weinig invloed op het concretiseren van de ambities en voelen zich niet goed gehoord. Daar maken we ons wel zorgen over, want we weten dat draagvlak en eigenaarschap belangrijke factoren zijn voor het slagen van innovaties. Daarom zullen we extra alert zijn op de betrokkenheid van docenten bij de totstandkoming van het nieuwe instellingsplan.’

Heldere boodschap

De peiling is alleen onder docenten uitgevoerd. Waarom? Tempels: ‘We hebben het College van Bestuur geadviseerd om te onderzoeken hoe onze studenten deze nieuwe koers ervaren en of dit leidt tot beter opgeleide professionals. En tot slot, niet onbelangrijk, een groot deel van onze achterban is werkzaam in de onderwijsondersteunende processen. Ook van hen willen we weten hoe zij de implementatie van de strategische koers ervaren. De CMR zoekt nog naar een manier, het liefst samen met het CvB, waarop dit kan worden onderzocht.’

En wat gebeurt er met de resultaten? Tempels heeft voor de docenten een heldere boodschap: ‘Jouw mening zal gebruikt worden om gesprekken met het College van Bestuur verdere verdieping te kunnen geven. Tevens is dit waardevolle input voor de totstandkoming een nieuw instellingsplan. Daarin worden de ambities van onze hogeschool geformuleerd en geconcretiseerd in afspraken. Het huidige plan heet ‘De strategische koers’ en loopt dit jaar af. Daarom is het van groot belang dat we goed weten waar we nu staan en waar we de komende jaren op willen gaan inzetten. Ik hoop daarom dat het College breed onderzoek doet naar de effecten van de huidige koers op de kwaliteit van het onderwijs. Aan de hand van deze geleerde lessen en het vele onderzoek naar effectief onderwijs kunnen we onze koers, waar nodig, bijstellen.

Tekst: Marcel Hulspas
Illustraties: Judy Ballast

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *