‘Het is geen vijfsterrenflat, maar we zien genoeg kansen’

Voor hun appartement in de Zwolse Louis Armstrong-flat hoeven ze niet te betalen. In ruil daarvoor moeten social work-studentes Jessica Brugman en Winnie Cheung de leefbaarheid in de flat verbeteren. Een initiatief van woningcorporatie SWZ en stichting Travers Welzijn.

Hier en daar een winkelwagentje, een streng bord over cameratoezicht en een verdwaalde vuilniszak. Verder is er aan de Elvis Presley- en Louis Armstrong-flats in de wijk Holtenbroek niets vreemds te zien. Toch voelen veel bewoners zich niet veilig, bleek uit onderzoek van woningcoöperatie SWZ. Er komt een grote renovatie aan, maar er is meer nodig dan alleen een verbouwing. Daarom wonen Jessica, Winnie en twee andere studenten de komende jaren gratis in ‘Louis Armstrong’ en ‘Elvis Presley’, én gaan ze ervoor zorgen dat de bewoners er prettiger wonen. Hoe ze dat gaan doen? Ze zijn druk bezig met plannen maken.

Hangjeugd

Hun eerste indruk van het appartement, een aantal maanden geleden, was niet al te best. Jessica: “Toen we hier kwamen, was het geen heel fijne plek om te wonen. Ik wil de vorige huurster niet in een kwaad daglicht stellen, maar laten we het erop houden dat er flink is schoongemaakt door een professioneel team. Ook SWZ heeft veel voor ons gedaan. Ze hebben de muren geverfd en wij hebben er verder een prachtig studentenhuisje van gemaakt. Het is geen vijfsterrenflat, maar het is oké. We zien genoeg kansen.”

In en rondom de twee flats achterin Holtenbroek is het al jarenlang onrustig. Mensen voelen zich onveilig, er is hangjeugd, er slingert afval rond. Jessica, Winnie én een derde student genaamd Quinty, die in ‘Elvis Presley’ woont, zijn deze eerste maanden vooral druk met ervaringen van bewoners verzamelen.

Winnie: “We horen veel dezelfde dingen. Zo hangt er beneden een intercom zonder camera. Veel bewoners vinden dat niet fijn, omdat er op die manier onbekende mensen de flat in kunnen komen. Aan SWZ geven wij dan door dat er een camera moet komen. Ook horen we veel over jongeren. Die hebben hier niet zo veel te doen. Ze gaan zich vervelen en anderen lastigvallen.”

Koken, knutselen, koffiedrinken

De interviews duren soms wel twee uur. Jessica: “Mensen zijn blij dat ze eindelijk hun hart kunnen luchten. Wel verdiepten we ons eerst in de geschiedenis van de buurt. Anders zouden bewoners ons misschien niet serieus nemen. Sommige mensen wonen hier al twintig jaar, terwijl wij net komen kijken.”

De afspraak is dat de studentes tien uur per week aan het project besteden. Concrete plannen maken Jessica, Winnie en Quinty pas over een tijdje, maar de grove lijnen zijn er al. “Er komt een buurtkamer waar activiteiten te doen zijn voor kinderen, jongeren en volwassenen. Zoals koken, knutselen of koffiedrinken. Zo hebben ze iets te doen en kunnen ze elkaar leren kennen. Ook vragen we ze om te helpen bij de activiteiten, met iets waar ze goed in zijn. Op die manier voelen ze zich hopelijk betrokken.”

Wij-gevoel

De bron van de problemen ligt volgens de studentes bij het feit dat de flatbewoners geen écht contact met elkaar hebben. Winnie: “Iedereen leeft langs elkaar heen. Ze zeggen elkaar wel gedag, maar durven elkaar niet aan te spreken of om hulp te vragen.”

Jessica: “Als mensen meer op elkaar gaan letten, staan ze er niet alleen voor als er problemen zijn. En hopelijk houden bewoners zich dan beter aan de regels. Zo mag je straks je fiets niet meer meenemen in de lift. En er komen afspraken over afval, dat je dat netjes weg moet brengen. Als mensen elkaar aanspreken, blijft het veilig en gezellig.”

Volgens Winnie moet er een wij-gevoel gaan heersen. “Bewoners melden het wel als er iets in hun eigen huis kapot is, maar niet wat er in de openbare ruimte mis is. We willen dat mensen zich thuis gaan voelen. Niet alleen in hun appartement, maar ook in en om de flat.”

Ingegooide ruit

In de eerste maanden dat ze er woonden, werden Winnie en Jessica al flink op de proef gesteld. Winnie: “Bij de hoofdingang van onze flat was een ruit ingegooid. We achterhaalden wie het had gedaan en zijn toen in gesprek gegaan met die jongen. We maakten duidelijk dat hij eerder na moet denken voor hij zoiets doet.”

Als Winnie en Jessica met iemand in gesprek gaan, is het niet hun bedoeling om diegene de les te lezen. “Die manier van aanpakken zorgt ervoor dat mensen luisteren. We zijn makkelijk benaderbaar. Als wij zo’n jongetje aanspreken, dan ziet hij ons als leuke meiden die gezellig met hem komen praten. Wij zijn geen formele personen.” Winnie: “We regelen ook dingen. We hebben gelijk bij een glazenzetter gemeld dat er een nieuwe ruit moest komen.”

Verspilde energie?

Hoewel veel bewoners positief reageren op het werk van de studentes, is niet iedereen het met het project eens. Jessica: “Sommige mensen hebben nergens last van en willen geen veranderingen. Anderen hebben geen plannen om hier voor langere tijd te wonen, dus zij denken: waarom zou ik me inzetten? Betrokken raken vinden ze verspilde energie. Dat is jammer, maar het was te verwachten. Het duurt even voordat dingen veranderen.”

Winnie: “Je moet ergens beginnen. En ik geloof echt dat wat we doen zin heeft.”

Tekst: Silke Polhuijs
Foto’s: Jasper van Overbeek

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *