Judith van der Stelt: ‘Een standbeeld voor het vraagteken’

‘Jij drinkt geen alcohol, toch?’ vroeg een vrouw aan een man die zojuist had verteld dat hij moslim was. Nog voordat hij antwoord kon geven voegde ze eraan toe: ‘Dan houd je zeker ook niet van uitgaan?’ Het oordeel tussen de woorden voelde sterker dan het vraagteken aan het einde van de zin, dus eigenlijk deelde ze met die vraag ook meteen een mep uit.

Een van de uitgangspunten in de Strategische koers van Windesheim is, dat we als hogeschool willen bijdragen aan een inclusieve samenleving. Een samenleving dus waarin iedereen gehoord wordt. Het dialoogje op tv voldeed alvast niet aan deze eis.

Waarheid

Een paar dagen later hoorde ik opnieuw een ‘vraag’ die eigenlijk geen vraag was. “Jee, je zult de online lessen wel zat zijn. Nog even volhouden, hoor!” De man die het zei ging er zonder meer van uit dat zijn buurjongen baalde van de online lessen en dat deze moeite moest doen om het studeren vol te houden. Tuurlijk, die emotie zal voor de meeste studenten herkenbaar zijn, maar daarmee is het nog geen waarheid voor ALLE studenten.

 Voor een dialoog tussen deze buren was het passender geweest om de mooiste aller leestekens van stal te halen – het vraagteken – en de eigen mening ertussenuit te halen. De vraag die eerst nog incognito ging, zou dan pas een echte vraag worden, namelijk: Hoe ervaar jij het eigenlijk dat er alleen online lessen zijn?

Tijdwinst

Maar wie de vraag zo open stelt, kan zich daarna niet met een simpele armzwaai uit de voeten maken. Een aanname in een vraag verpakken levert tijdwinst op en in zekere zin ook gemak (je hoeft je tenslotte niet te verdiepen in het verhaal van de ander). Maar pas via een open vraag nodig je de ander echt uit om met een antwoord te komen.

Als we inclusiviteit willen bevorderen, wordt het tijd om onze vraagstelling onder de loep te nemen. Zonder dat we er erg in hebben, maken we namelijk bouwpakketjes van onze vragen. We stoppen er aannames en eigen meningen in, of we doen alvast een gooi naar het antwoord. Wat op die manier als vraag geserveerd wordt, is lang niet altijd een vraag en daarmee in feite een belediging voor het vraagteken.

Open vragen

 Misschien moeten we een standbeeld voor het vraagteken oprichten. Lekker groot en bij voorkeur op een prominente plek, zodat we er steeds aan herinnerd worden dat de fijnste vragen open vragen zijn.

En weet je wat, zet er ook maar meteen een uitroepteken achter.

Judith van der Stelt is schrijfcoach en dyslexiespecialist bij het Studiesuccescentrum Almere

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *