Stemming: Hoe bevalt het hybride onderwijs?

Eén dag(deel) onderwijs op de campus van Windesheim, de rest van de week online vanuit thuis. Is dat te doen?

Sanne Roes (19), doorstroomklas jaar 1-2 journalistiek:

“Ik vind online les vreselijk! Ik slaap, chill en krijg college allemaal op één plek. En dan moet je ook nog motivatie vinden om te gaan studeren. Laatst ben ik naar De Stadskamer gegaan om te studeren. Dat werkt voor mij goed. Ik denk dat ze op school best wat meer ruimtes zouden kunnen creëren om te studeren. Zeker voor de studenten die op kamers zitten en hun kamer niet meer uit komen sinds corona, of studenten die zich thuis niet kunnen concentreren.”


‘Het onderwijs is een stuk onpersoonlijker geworden’

Esmee Heddema, tweedejaars HBO-Verpleegkunde:

“Ik vind het niet erg om grotendeels vanuit huis te studeren, want ik leer best makkelijk. Mijn schoolresultaten hebben niet onder de lockdown geleden. We mogen twee uur per week naar de campus. Dan krijgen we in een kleine groep technische vaardigheden: handelingen oefenen op poppen. Je staat dan dichtbij elkaar aan een bed met een mondkapje op.

Het onderwijs is een stuk onpersoonlijker geworden. Qua inhoud vind ik het niet echt heel erg veranderd. Ik heb soms juist het idee dat docenten meer hun best doen voor een online les, omdat dat een stuk lastiger kan zijn dan fysiek onderwijs. We hebben meer opdrachten en presentaties gekregen en ik ben een stuk langer bezig met school dan vroeger.

Ik heb een agenda ingeslagen om goed bij te houden wat ik moet doen en inleveren. Want het is allemaal een stuk minder overzichtelijk geworden sinds Corona. Je zit niet echt meer in de vaste structuur van school.

Meestal ga ik thuis aan de eettafel werken, naar mijn eigen kamer verhuis ik alleen voor een les waarin ik veel moet praten. Ik vind het fijner om af en toe met iemand te kletsen of even iets anders te doen, op mijn kamer raak ik juist erg snel afgeleid.

Het contact met de docenten is wel echt lastiger dan voor corona. Via Teams kun je makkelijk vragen stellen en de docenten doen hun best om online te zijn en antwoorden te geven. Maar ze interpreteren de online vragen soms verkeerd en dan loopt de communicatie stroever dan in een fysiek gesprek.

Veel van mijn klasgenoten lukt het niet om thuis de focus te vinden. Daardoor gaat het studeren voor hen een stuk minder goed dan voorheen. Voor mij is het geen groot probleem, maar ik maak me wel druk om de binding in mijn klas. Dat is voor mij het grootste nadeel van de huidige situatie.


Xander van de Poppe (19), tweedejaars social work:

“Het online onderwijs is erg wennen. Ik ben eerder afgeleid en het is ook gewoon saai. Als ik op de campus ben doe ik meer met mijn dag. De docenten kunnen natuurlijk weinig doen aan de situatie. Ze zouden zich wel meer moeten focussen op interactie met studenten, zodat die niet afgeleid raken. Verplicht je camera aanzetten zou ook zeker weten helpen.”


Lienke van der Velden (21), tweedejaars AD office management:

“Ik mag één keer in de twee of drie weken op de campus zijn, dat vind ik erg weinig. Het liefst zou ik willen dat alles weer normaal is, met de huidige maatregelen is het ook niet heel leuk op de campus. Tijdens de online lessen ben ik sneller afgeleid dan in een lokaal. Sommige docenten stellen in de les ineens vragen aan de klas, daardoor blijf je beter scherp.”



‘Ik heb de eerste twee weken niets gedaan’

Manuel Zuurman, derdejaars hbo-ict:

“Voor mij werkt dit ‘hybride onderwijs’ best goed. Ik denk niet dat mijn studie er veel onder te lijden heeft. Het is vooral veel huiswerken en zelfstudie.

Ik mag één dagdeel per week naar Windesheim. Dan komt er elk uur een andere docent naar ons lokaal en kunnen we vragen stellen over de stof of de opdrachten. Eerlijk gezegd ga ik daar niet zo vaak naartoe, ik heb over het algemeen niet zo veel vragen. Verder hebben we per vak één online theoriecollege per week. De aandacht erbij houden tijdens online colleges was wel even wennen.

Ik ken studenten die veel moeite hebben met online onderwijs. Mijn huisgenoot vond het zo moeilijk om om te gaan met de coronasituatie en alle veranderingen, dat ze besloot te stoppen met haar opleiding.

Qua begeleiding gaat het op Windesheim nu gelukkig veel beter dan in de begin van de coronaperiode. Toen hadden we nauwelijks online theoriecolleges, de theorie moest je zelf maar doorlezen.

Mijn stage bij een ict-bedrijf heb ik helemaal vanuit huis gedaan. Het leek vooraf niet ingewikkeld, maar dat werd het wel. De communicatie met collega’s liep stroef. Voor elk klein dingetje dat ik wilde overleggen moest ik een afspraak inplannen.

De eerste stageweken had ik daardoor problemen met mijn motivatie. Ik was het overzicht kwijt en wist gewoon niet goed wat er van me werd verwacht. Mijn reactie was dat ik helemaal stil viel; ik heb de eerste twee weken niets gedaan.

Daarom doe ik nu extra mijn best om te voorkomen dat ik weer stil val. De eerste twee jaren van mijn studie gingen goed, dus het zou zonde zijn om het nu te laten mislukken. Corona krijgt mij niet klein.

Daarom heb ik een werkplek hier in het T-gebouw gereserveerd voor de hele periode. Thuis werk ik toch minder goed. Hier op de campus is minder afleiding.”

Tekst en foto’s: Wouter van Emst, Joost ter Bogt, Sophie van der Velden

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *