Een jurk van kippengaas behangen met opgeblazen zakjes rook, waarachter een lange sleep van laken bezaaid met peuken loopt over de campus.
In de jurk bevindt zich Nien, de maker ervan. Met deze performance vraagt Nien aandacht voor de schadelijke gevolgen van op de grond gegooide peuken en voor diens wens om tot de rookvrije generatie te behoren.
Dit laatste, vindt Nien, wordt door de rokers op diens weg bemoeilijkt, omdat ze meestal bij een ingang staan waar die langs moet. De ingang van de campus of de ingang van een gebouw – ook al is dat niet toegestaan: volgens de wet moet Windesheim zorgen voor een rookvrije campus.
Handhaving
Ikzelf ben op zich blij met die wet, en ook met het verbod dat eraan zit te komen op filters. Het eerste omdat ik net zomin als Nien zit te wachten op meeroken. Het tweede omdat het onderdeel van de opvoeding van veel mensen is om prullen in de prullenbak te gooien, maar kennelijk ook dat filters gewoon op straat mogen worden gegooid.
Het nadeel van de wet is dat er niet in voorzien is hoe die kan worden gehandhaafd. Er lijkt ook geen Windesheimbeleid te zijn op handhaving.
Er zijn op de campus verbodsbordjes en bordjes met een wens van de strekking ‘Fijn als u hier niet rookt’. Maar deze bordjes worden door een groep mensen – studenten evenals medewerkers – genegeerd en Windesheim heeft daar nauwelijks antwoord op.
De voorzitter van het CVB heeft samen met de directeur van BMR aan het begin van het jaar, bij wijze van een soort promonstratie, getweeën peuken geveegd, en dat was dat.
Daarom vond Nien het noodzakelijk om deze jurk te maken voor het vak Kunst als Middel. Opdat de ‘rookvrije generatie’ geen stip op de horizon zou blijven. Geen oeverloos wensen, maar een kantelpunt, dat die rookvrije generatie ook daadwerkelijk gaat ontSTAAN.
Zelfspot
Eerst overwoog Nien de jurk als een soort sculptuur ergens neerzetten. Hem aantrekken? Huh, veel te eng. Maar na enig aandringen (waarom juist de vorm van een jurk als je hem niet aantrekt?) heeft die zich over diens gêne heen gezet en is die er vol voor gegaan.
Daar is zelfrelativering voor nodig, misschien zelfs zelfspot. Iets waar sommige rokers nog een puntje aan kunnen zuigen, gezien de reacties van zelfmedelijden die ik soms opvang, dat ze als paria’s van de campus worden verstoten.
Daarom voor die arme rokers een paar relativerende gedichtjes, door mijn collega Kunst als Middel Suzan Huijbers ‘spinsels’ genoemd. Niet omdat ze inhoudelijk zo passen bij het onderwerp roken, maar om het allemaal wat lichter te maken, om even een beetje te glimlachen om de dingen en op een iets andere manier te kijken naar wat wellicht zwaar voelt, maar dat niet hoeft te zijn, zoals het zelf.
Over wegen,
Paden, zijstraten
Inslaan en terugkeren
Pijnzen en afwegen
Heen en weer
Zijpaadje
Dwalen, dubben en
Overwegen
Kantelpunt
Waar is de stip
Hoeveel graden
Is de horizon
Bezeten bestaan
Maarzo ontstaan
Nu ZIT ik ermee
Verzin ook eens een spinsel. Je wordt er vrolijk van.

Ariane Niemeijer is docent Engels bij domein BMR en geeft daarnaast PPR-modules over kunstzinnige ontwikkeling