Vijf jaar studeren zou genoeg moeten zijn voor een hbo-diploma. Toch zijn er steeds meer studenten die er langer mee bezig zijn, hoe komt dit? Is er sprake van een trend waar we ons zorgen over moeten maken?
Een hbo-opleiding rond je normaal gesproken in vier jaar tijd af. Wie er langer dan vijf jaar over doet, is een langstudeerder. Cijfers van Hogeschool Windesheim laten zien dat iets meer dan de helft van de studenten die in 2019 begon met een opleiding na vijf jaar, dus in september 2025 het diploma behaald had. Dat ligt rond het landelijke gemiddelde, maar is ongeveer tien procent lager dan bij instroomcohorten van jaren daarvoor. Toen rondde een groter deel van de studenten de opleiding binnen vijf jaar af. Cor Niks, docent psychomotorische therapie en voormalig voorzitter van de centrale medezeggenschapsraad (CMR) van Hogeschool Windesheim, herkent dat beeld. In zijn werk ziet hij dat studenten langer blijven dan voorheen. Niks is nooit voorstander geweest van het afschaffen van het bindend studieadvies (BSA). Volgens hem lijkt het toenemende langstuderen samen te hangen met het verdwijnen van die maatregel. “Ik kan dat niet hard maken met cijfers, maar dit is wat ik in de praktijk als zodanig ervaar.
Blijven hangen
Het BSA zorgde volgens Niks vooral voor duidelijkheid en structuur voor studenten en opleidingen. “Je zag in het eerste jaar al heel snel of iemand het niveau aankon en of het gedrag paste bij een hbo-opleiding. Daarbij was er gelukkig ook ruimte om te wennen en (studie) begeleiding te krijgen, maar uiteindelijk was er ook een duidelijk moment waarop een keuze werd gemaakt.”
Sinds het BSA niet meer wordt toegepast en de doorstroomnorm geldt, ziet Niks dat studenten vaker blijven hangen. “Dan heb je dus studenten die na twee jaar nog steeds niet kunnen voldoen aan de basisvoorwaarden van de opleiding.” Dat maakt het traject volgens hem steeds ingewikkelder, voor zowel student als opleiding. “Het wordt rommeliger, want je krijgt steeds meer studenten met achterstanden. Daar moet je extra begeleiding voor organiseren.
Bij de opleiding psychomotorische therapie is daarom een huiskamer ingericht voor studenten met onder andere studievertraging. “Dat helpt zeker, maar het kost ook veel tijd en geld. Er zit een collega anderhalve dag per week op.”
Corona
In hoeverre is het groeiende aantal langstudeerders te verklaren door het afschaffen van het BSA? Één van de opleidingen waar het aandeel langstudeerders hoger ligt is bij de opleiding Journalistiek op Windesheim. Van de instroom in 2019–2020 deed ruim zes op de tien studenten Journalistiek langer dan vijf jaar over hun studie. Komen er misschien steeds meer opleidingen waar een meerderheid niet binnen 5 jaar afstudeert?
Volgens Miranda Van Dijk-Kedde, opleidingsmanager journalistiek, heeft langstuderen meerdere oorzaken. “Het is een combinatie van factoren. “Corona speelt daar nog flink doorheen, de afschaffing van het BSA speelt mee en ook de manier waarop studenten hun eigen leerroute invullen.” Voor studenten van de opleiding journalistiek had corona grote gevolgen, omdat het een praktijkopleiding is. “Zeker als je tijdens de coronaperiode in het tweede of derde jaar zat, kon je niet op pad voor praktijkopdrachten of stage. Dat heeft voor vertraging gezorgd en dat zie je nu terug.” Daarnaast ziet zij dat studenten na hun stage blijven werken. “Dat is supergoed voor hun ontwikkeling en dat stimuleren wij als opleiding ook, maar het zorgt ook voor extra studietijd.”
Binnen de opleiding zijn langstudeerders geen nieuw verschijnsel. “Langstuderen staat bij ons al langer op het netvlies.” De afgelopen jaren is de opleiding daar wel veel actiever mee bezig. Een belangrijk middel daarbij is het dringend advies. “We gaan samen in gesprek en kijken eerlijk naar de voortgang. Als afstuderen binnen een redelijke termijn niet haalbaar lijkt, zeggen we ook duidelijk: overweeg een andere keuze.”

“Uitstelgedrag heb ik echt heel erg. Ik stel bijna alles uit tot het laatste moment. Dat zie ik soms terug in mijn resultaten, bijvoorbeeld dat ik een toets niet haal of een verslag moet herkansen. Het heeft wel effect op mijn studie. Gelukkig heb ik nog geen studievertraging, ik zit in mijn eerste jaar en verwacht wel gewoon mijn P te kunnen halen.”
Joane, student Verpleegkunde

“Ik ben veel bezig met het voorkomen van uitstelgedrag. Dus ik heb er amper last van, soms denk ik dat ik één van de weinigen ben. Af en toe stel ik wel iets uit, maar ik heb genoeg strategieën, zoals lijstjes en sticky notes. En ik stel duidelijke prioriteiten. School staat niet altijd op één, maar ik zorg wel dat alles op tijd af is.”
Lieke, student Minor Social community Design

“Ik kom van de havo en vond de overstap best groot. Dat alle toetsen in één week zijn is veel meer werk. Uitstelgedrag zit er daardoor wel in. Ik plan de week en spreek met mezelf af hoe ver ik moet zijn, maar dat lukt vaak niet en dan stel ik het toch weer uit. Het komt uiteindelijk wel af voor de deadline.”
Mieke, student Verpleegkunde

“Uitstelgedrag merk ik zeker wel. Motivatie speelt daarin een grote rol, net als de neiging om liever andere dingen te doen. Deadlinedruk werkt voor mij juist stimulerend, dan ga ik meer doen. Eerlijk gezegd begint dat vaak pas twee dagen van tevoren. Toch red ik het negen van de tien keer wel, al is het soms op het laatste moment.”
Sam, student Lerarenopleiding Lichamelijke opvoeding

“Uitstelgedrag is voor mij heel herkenbaar. Het komt zowel door hoe de studie is ingericht als door mijzelf. Thuis heb ik weinig tijd. En bij sommige opdrachten, zoals portfolio’s, mag je zelf kiezen wanneer je het inlevert binnen het semester. Omdat alles zo laat kan, sta je er minder bij stil. Dat werkt voor mij niet goed en daardoor lever ik te laat in.”
Fabienne, student Oefentherapie
Uitstelgedrag
Ook de opleiding journalistiek heeft een huiskamer voor studenten met studievertraging. Miranda vindt de huiskamer heel waardevol. ”Studenten worden actief gevolgd door studiebegeleiders en kunnen terecht in de huiskamer, waar wordt gekeken naar hulpvragen en ondersteuning. Studenten zijn gebaat bij verbinding. Ze moeten zich gezien voelen en weten waar ze terecht kunnen.” Ook zijn er praktische aanpassingen gedaan om uitstelgedrag te beperken. Er zijn minder inlevermomenten en oude vakken vervallen sneller, zodat studenten minder blijven schuiven. Van Dijk-Kedde benadrukt dat de cijfers over langstuderen niet automatisch iets zeggen over de kwaliteit van de opleiding. “We hebben recent onze accreditatie gehad en daar zijn we heel trots op. We kregen een rapport zonder aanbevelingen, en dat komt niet vaak voor. Dat laat zien dat de opleiding er goed voor staat.” Is er dan sprake van een tijdelijke piek? Volgens Van Dijk-Kedde moeten de huidige cijfers worden gezien in het licht van meerdere ontwikkelingen die samenkomen. “Denk aan de coronaperiode, de afschaffing van het BSA, maar ook aan de krappe arbeidsmarkt en dus de kans om te blijven werken benutten.” ‘Zij verwacht dat het aantal langstudeerders zal gaan dalen, mede omdat de opleiding nu actiever bezig is met de voortgang.
Harde norm
Volgens Niks zou het goed zijn als ook de Centrale Medezeggenschapsraad de vinger aan de pols houdt, mocht het aantal langstudeerder de komende jaren blijven groeien. Het afschaffen van de BSA heeft volgens hem invloed op hoe studenten met een studie omgaan. “Als er geen harde norm is waarbij je weet: als ik dit niet haal, moet ik stoppen, dan voelt het voor sommige studenten ook minder urgent en dat kan leiden tot uitstel. Hetzelfde wordt ook door veel studenten genoemd in gesprekken als het gaat over de doorstroomnorm en het BSA.”
tekst: Kyra Schuurkamp
hoofdfoto: Herman Engbers (archief)
tekst en foto’s rondvraag: Indy Roozendal