Floor Deen: ‘Een helder vooruitzicht op een baan?’

Verslaggever, datajournalist, bureauredacteur, correspondent, onderzoeksjournalist, tekstschrijver, freelancer: als ik straks afgestudeerd ben, heb ik meer dan genoeg opties als het gaat om werk. Toch verlamt die overvloed me soms meer dan dat het me inspireert. Want waar ligt nou echt mijn interesse? En ben ik in vier jaar tijd écht klaargestoomd voor deze functies?

Het voelt alsof ik van alles een beetje kan, maar nergens echt in uitblink. Soms denk ik: was ik maar kapper geworden. Of loodgieter, tandarts of docent aardrijkskunde. Beroepen waarbij je precies weet wat je doet en wat er van je verwacht wordt. Een duidelijke en herkenbare titel op je visitekaartje, dat lijkt me best prettig.

Nóg meer opties

Op de opleidingssite van Journalistiek lees ik dat ‘ruim 55% van de studenten werk vindt in de journalistiek’, bij bijvoorbeeld kranten, productiebedrijven, radio- en tv-programma’s of nieuwssites. Maar eerlijk gezegd vind ik dat helemaal niet zo ruim. Wat doet die andere 45% dan?

Een deel gaat helemaal niet het werkveld in, maar ‘tussen de 35% en 40% van de studenten ontdekt dat ze hun journalistieke vaardigheden ook ergens anders kunnen inzetten’, bijvoorbeeld bij de overheid, ngo’s of communicatiebedrijven. Nóg meer opties.

Afbakening

Ik merk dat ik juist behoefte heb aan afbakening. Aan een concreet toekomstbeeld: dít ben ik en dít ga ik doen. Vier jaar lang was de opleiding mijn houvast, met opdrachten, stages en docenten die me richting gaven.

Nu die structuur langzaam uit zicht verdwijnt, komt het besef dat ik het straks zelf moet gaan uitzoeken. Ik krijg niet meer te horen dat ik een video-item van maximaal drie minuten moet maken; ik moet zelf bepalen of dát is wat ik wil doen om mijn brood te verdienen. Dat geeft me een angstig gevoel.

Brede opleiding

Toch dacht ik hier een paar jaar geleden heel anders over. Toen vond ik het juist geweldig dat er zoveel mogelijkheden waren, dat ik niet één baanoptie had. Ik koos bewust voor de opleiding journalistiek omdat het zo breed is. Misschien moet ik wat meer terugdenken aan dat meisje van een paar jaar geleden, waarvoor de wereld aan haar voeten lag. Want dat is over een halfjaar mijn realiteit.

En als ik mijn ratio nou even de mond snoer, zegt mijn hart mij dat ik toch veel meer hou van het knippen en plakken van woorden en zinnen, dan van het knippen van iemands haar. En dat het allemaal wel goedkomt.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *