‘Mijn lessen over seksueel misbruik zijn voor velen een wake up call’

Bert Kruijswijk bereidt studenten SPH voor op de confrontatie met seksueel misbruik en geweld. Studenten die daar al ervaring mee hebben, kunnen heel waardevol zijn in de hulpverlening.

Wat vindt je van de #metoo discussie?
‘Die is natuurlijk niet nieuw. Wat we zien is dat de verhouding tussen man en vrouw al zo’n honderd jaar aan het veranderen is. Maar we leven nog steeds in een masculiene maatschappij. De mannelijke optiek domineert. Dat merk je aan films, cabaret, de media, én aan de reacties op #metoo. Zo van: zij zal het er wel naar gemaakt hebben. Of: is dat nou écht erg? De grote meerderheid is helemaal gewend aan die masculiene optiek. Ook vrouwen reageren heel divers. Veel vrouwen zeggen: “ach, het hoort er nu eenmaal bij”. En een vrouw die zegt dat ze een bepaalde opmerking “niet fijn” vindt, moet zich daarvoor verantwoorden. Of neem de reactie van “het is al zo lang geleden….” Dat vind ik een ongenuanceerde, masculiene reactie want je weet nooit wat een zogenaamd onbeduidende opmerking of (intimiderend) gedrag met een ander doet. Zoiets kan jaren later nog gevolgen hebben.’

Wat wil je de studenten meegeven?
‘Ik wil ze in staat stellen om op een professionele manier om te gaan met gevallen van seksueel misbruik of geweld. En bij onze cliënten – dat zijn vooral gehandicapten, of kwetsbare jongeren -komt dat relatief vaak voor. Ik wil ze het verschil laten zien tussen gewoon praten over dat soort zaken, en er écht bij betrokken zijn. Wat er dan met je gebeurt. Ze moeten over de vaardigheid beschikken om dat dan bespreekbaar te maken. Dus wat doe je wanneer je weet, of vermoed, dat er sprake is van misbruik? Hoe ga je om met het slachtoffer? Wat moet je geloven en wat niet? Vaak zijn de daders familieleden, kennissen of een mede cliënt  – hoe ga je daar mee om? Schaamte en angst spelen hierbij een grote rol voor zowel cliënt als student. Studenten moeten de signalen herkennen, de meldcode seksueel misbruik kennen, en ze moeten kennis hebben van de cultuur. We hebben een groeiend aantal allochtone cliënten. Met hun achtergrond moet je rekening houden.’

Hoe reageren de studenten daarop?
‘Het onderwerp blijft heel lastig en de eerste reactie is veelal “Ik doe net of ik niks gezien heb”. Maar dat moet je kunnen doorbreken. Ik zie dat ze er steeds meer open voor staan, en dat ze ook beseffen hoe complex het kan zijn. Voor veel studenten zijn de lessen een wake up call, ze beseffen daardoor dat het bestaat. Studenten die persoonlijk geconfronteerd zijn geweest met seksueel misbruik of geweld, kunnen in dergelijke situatie heel waardevol zijn vanwege hun ervaring. Voor hen is de situatie herkenbaar. Ze beseffen beter hoe complex de situatie kan zijn voor het slachtoffer en kunnen hem vaak beter begeleiden bij het vertellen van zijn of haar verhaal. En dat zal toch moeten, want je hebt als hulpverlener (en gewoon als burger) de plicht om een (vermoeden) van verkrachting en/of aanranding te melden.’ (MH)

Bert Kruijswijk doceert bij SPH het vak ‘seksueel misbruik en huiselijk geweld’. Hij was enige jaren vertrouwenspersoon voor Windesheim, en voor NOC*NSF.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.