‘SMF-student beter begeleiden’

Er moet meer aandacht komen voor studenten met een functiebeperking (smf) op Windesheim. Dat vindt studente Nina Harink.

Als student met een functiebeperking moet je veel meer energie en tijd stoppen in dingen die voor andere studenten automatisch gaan. Als het idee is dat onderwijs toegankelijk moet zijn voor iedereen, en dus ook voor studenten met een functiebeperking, lijkt mij dat dit niet de bedoeling is. Nu denk jij misschien, wat weet zij daar nou van? Nou, ik ben zo’n student met een functiebeperking. Ik heb namelijk een spierziekte waardoor ik onder andere veel minder energie heb dan een gemiddelde student. Het is mijn ervaring dat het onderwijs op bepaalde punten nog wel wat veranderingen kan gebruiken.

Laten wij beginnen met de opleiding zelf. Er wordt al veel hulp geboden aan studenten met een functiebeperking, zo zijn er speciale pasjes voor bijvoorbeeld extra tijd of laptopgebruik bij tentamens. Helaas is het zo dat veel studenten niet weten welke faciliteiten er allemaal worden aangeboden. Hierdoor lopen veel studenten de hulp die ze nodig hebben mis, terwijl die hulp er in principe wel is. Zo kwam ik er pas in mijn tweede jaar op Windesheim per toeval achter dat de studiestimuleringsgroep bestond. Als ik hier eerder van had geweten, had ik er eerder gebruik van kunnen maken en had een aantal dingen voorkomen kunnen worden. Ik denk dat het voor de toegankelijkheid goed is als hogescholen meer zichtbaarheid geven aan de faciliteiten die er zijn.

Daarnaast krijgt een student elk schooljaar een nieuwe slb’er. Voor de meeste studenten is dit niet zo’n groot probleem, echter voor studenten met een functiebeperking betekent dit dat ze elk jaar opnieuw moeten uitleggen wat er aan de hand is en wat ze nodig hebben. Ik vind dit persoonlijk niet zo’n groot probleem, maar er zijn studenten die het moeilijk vinden om over hun functiebeperking te praten. Als je elk jaar weer een nieuw iemand voor je neus krijgt, moet je maar net iemand hebben waar je mee kunt/durft te praten. Het zou makkelijker zijn als er bijvoorbeeld een vaste slb’er is, of in ieder geval één dossier per leerling. Op die manier hoef je niet elke keer weer op te rakelen wat er ‘mis’ is met jou, omdat ze dat dan al in dat dossier kunnen zien.

Binnen de opleiding zelf heb je ook vaak stages en in mijn ervaring is dit een punt waar nog de meeste vooruitgang geboekt zou kunnen worden. Elk jaar weer moet ik bij het stagebureau aangeven dat ik een functiebeperking heb waardoor ik minder energie heb en dus minder ver kan reizen. Als ik anderhalf uur met het openbaar vervoer moet reizen om bij mijn stageschool te kunnen komen, ben ik al moe voordat ik überhaupt wat heb gedaan. Daarnaast moet ik bij elke stageplek gaan uitleggen wat mijn functiebeperking inhoudt. Bij sommige stagescholen gaat dit prima maar bij andere verloopt deze communicatie minder soepel. Er is een verschil tussen horen wat een functiebeperking inhoudt en weten wat de impact daar van is en hoe je daar dan mee om moet gaan.

Nina Harink is derdejaars lerarenopleiding Engels.

Op 13 april gaat ze in debat over studeren met een functiebeperking, tijdens het DenkAndersDebat. Onderwerp: onderwijs toegankelijk maken voor iedereen. Aanvang is om 15.00 uur, in de Gert Veenhovenzaal op Windesheim.

 

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.