Onze helderziende baas

Vandaag was ik bij de nieuwjaarstoespraak van onze domeinmanager. Het was weer een bevlogen verhaal met vele vergezichten over de toekomst. Die toekomst zou veel veranderingen gaan brengen. Binnen tien jaar zou ons vak er heel anders uitzien en natuurlijk ook het vak waarvoor wij opleiden. Het mooie is dat die manager met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid kon voorspellen hoe die toekomst er uit zou komen te zien. Mijn collega’s en ik wisten natuurlijk wel dat onze manager (die door ons in de wandelgang gewoon ‘baas’ genoemd wordt) zo’n helder toekomstbeeld had. Hij had immers in de afgelopen maanden ons al diverse keren proberen te overtuigen van zijn helderziendheid. Vind ik altijd weer grappig.

Ik had vroeger een geschiedenisleraar die mij het inzicht gaf dat de toekomst een grote chaos is, een totale warboel, waar je slecht op de zeer korte termijn enige grove slagen in lucht over kon doen. Als mensen pretenderen de toekomst te kunnen voorspellen, dan moet je oppassen. Dat ging toen bij Marx zo verschrikkelijk fout en bij mensen die een fundamentalistische opvatting hebben over religie en het onvermijdelijke ‘Einde der tijden’. Nu ga ik hier natuurlijk niet beweren dat er hier op Windesheim doden gaan vallen. Maar wanneer managers gaan pretenderen de toekomst te kennen dan wordt ik wel een beetje zenuwachtig. Want dat betekent vaak ook dat er beleid gemaakt gaat worden dat anticipeert op die voorspelde toekomst. En wanneer men bijna zeker weet hoe de toekomst er uit ziet, dan is men ook vrij zeker over wat nu het beste is om te doen. Daar gaat het dan vaak fout. Dan blijken het aantal wegen dat naar Rome leidt ineens behoorlijk beperkt te zijn.

Degenen die twijfels hebben bij de door het management gepredikte toekomstbeeld, worden afgedaan als ‘star’, ‘ouderwets’, ‘te kritisch’ en misschien wel als ‘hinderpaal’, ‘sta-in-de-weg’ of ‘querulant’. Ik moet hierbij terugdenken aan de invoering van SLB een jaar of tien geleden. Daar is veel terechte en fundamentele kritiek op geweest. Maar, ja, het was ‘de toekomst’. Inmiddels is er van het originele concept weinig meer over. Ik denk maar niet aan alle kostbare docent- en studenturen die hieraan opgegaan zijn. Als die uren nu eens besteed waren aan kennisverwerving dan was dat hele InHolland- en journalistiekschandaal, waarbij onder andere de kwaliteit van afstudeeronderzoeken zwaar onder de maat bleek te zijn, misschien wel niet nodig geweest… Enfin. Evenmin als ik in de toekomst kan kijken, kan ik weten hoe de geschiedenis anders was gegaan wanneer er andere keuzen gemaakt waren.

In protestantse kringen schreef men vroeger onder uitnodigingen en vooraankondigingen vaak ‘D.V.’, wat ‘Deo Volente’ betekent: als God het wil. Vond ik eigenlijk wel mooi. In twee letters werd je er op gewezen dat niets zeker is en dat een gezonde portie bescheidenheid op zijn plaats is. Het kennen van de toekomst is misschien alleen mogelijk voor eventueel bestaande hogere machten (en daar bedoel ik niet het management van Windesheim mee). Ons mensen rest alleen de natte vinger.

D.A.T.A.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.