Samenwerking met Utrecht ‘on hold’

Overleg van beide cvb’s eindigde in impasse

  • De mededeling van het College van bestuur veroorzaakte veel verwarring.
  • Begin december moet de knoop worden doorgehakt. Utrecht lijkt al besloten te hebben.

De samenwerking van het domein Bewegen & Educatie met de lerarenopleidingen van de Hogeschool Utrecht hangt aan een zijden draadje. Vorige week heeft het College van Bestuur in een mededeling aan de betrokken medewerkers laten weten dat het hele fusieproces ‘on hold’ is gezet. Dit leidde tot grote consternatie, met name bij de master SEN (Special Educational Needs), waar men met ingang van dit schooljaar net de eerste stappen had gezet.
Tijdens een bijeenkomst in Utrecht, vlak voor de zomer, werd duidelijk dat aan beide zijden – HU en Windesheim – sprake was van weinig enthousiasme voor het door de directeuren in gang gezette fusieproces. Samenwerken, prima, maar waarom moest dat op deze manier geformaliseerd worden? De twijfel leidde tot een bijeenkomst van het cvb van Windesheim met het cvb van de HU (de nieuwe CvB voorzitter Henk Hagoort was ook aanwezig), waarna eind augustus een communiqué uitging naar alle betrokken Windesheimmedewerkers met de boodschap die voor meerdere uitleg vatbaar bleek. Enerzijds werd de samenwerking ‘on hold’ gezet, maar er was ook sprake van later ‘verder manoeuvreren’. Veel medewerkers concludeerden dat er een einde kwam aan de samenwerking met de HU. Maar de situatie is in feite nog onduidelijk.
Voor Cor Niks, vicevoorzitter van de deelraad, is deze gang van zaken helaas heel herkenbaar: “De deelraad werd voortdurend gebrekkig geïnformeerd. Er is al die tijd gewoon niet geluisterd naar de medewerkers – in de zin dat er geluisterd is naar wat er nu écht leeft. Dit waren de minimale vereisten om draagvlak te creëren. We hebben dit veelvuldig gecommuniceerd. Er is geen rekening mee gehouden. Maar ik denk dat de boodschap nu wel is doorgekomen. Tijdens de “soepbijeenkomst” vorige week is Jan Willem Meinsma toch wel geschrokken van de sfeer. Eerst had hij het over een ‘kras’ op de Master SEN; later sprak hij van een wond, een botbreuk. Het lijkt er dus op dat hij doordrongen is geraakt van de ernst van de zaak.”
Deelraadslid Johan Harlaar:  “De hele zaak is vooral pijnlijk voor de Master SEN. Daar heeft men heeft echt het gevoel de dupe te zijn dan de recente ontwikkelingen. Zij moesten inleveren en hebben ook lesplaatsen met Utrecht uitgeruild. En nu krijgen ze minder studenten. Het is toch op z’n minst heel vreemd dat juist zij op de hoogte zijn gebracht met een simpel mailtje – met een verwarrende boodschap.”
Maar hoe nu verder? Volgens deelraadvoorzitter Bob Schoorel zal er flink geïnvesteerd moeten worden in de Master SEN, om deze weer goed in de markt te zetten. “De master heeft geografisch ruimte verloren; misschien kan in antwoord daarop de lesplaats Almere uitgebreid worden. Maar de vraag is of de huidige bestuurders binnen de huidige organisatiestructuur in staat zullen zijn om het probleem op te lossen – dat vergt namelijk een heel andere aanpak dan die tot nu toe is gevolgd. Dit zal niet alleen voor de Master SEN gelden, maar voor alle onderdelen van het domein bewegen en educatie. De afspraak is dat er vóór december een besluit moet zijn genomen We zouden graag zien dat de bijeenkomsten en de informatievoorziening de komende maanden beter gestructureerd worden. Die bijeenkomsten waarbij iedereen langs kan komen en waarbij er vooral informeel gepraat wordt, die voldoen niet.”
Wat de HU betreft, volgens Cor Niks hebben de medewerkers daar officieel nog niets gehoord, maar wordt er in de wandelgangen wel gepraat over het feit dat de samenwerking ‘on hold’ is gezet. Daar lijkt men al afscheid te hebben genomen van het hele idee. Directeur Dick de Wolff, de ‘trekker’ van het proces in Utrecht, is van het dossier gehaald. Niks: “En verder zijn ze daar vooral met hun eigen problemen bezig. Wat ik hoor, is dat Windesheim bij de medewerkers op de werkvloer  niet meer in beeld is.”
Harry Frantzen, de ‘trekker’ hier op Windesheim (maar sinds 1 september geen directeur meer) staat er niet van te kijken. Hij zag de breuk eigenlijk al begin dit jaar aankomen, toen hem duidelijk werd dat het Utrecht eigenlijk alleen om de masters te doen was. “En voor Windesheim was alleen de integrale samenwerking interessant – de master én de bacheloropleiding.” Hij heeft Utrecht vaak genoeg duidelijk gemaakt dat Windesheim anders geen heil zag in samenwerking. “Maar ze hadden maar één doel: de masters.” De schade is te overzien, vindt hij. De terugslag voor de master Sen is maar tijdelijk, en met de nieuwe lesplaats in Almere heeft Windesheim een mooie uitgangspositie om de Randstad te ‘heroveren’. En verder: “Het is jammer wat er nu is gebeurd, maar op de lange termijn moét die samenwerking er gewoon komen. De zieltogende educatieve opleidingen op de hogescholen moeten een antwoord vinden op de uitdaging van de universiteiten.” (MH)

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.