‘Meer dan stotteren, slissen en de letter r’

Logopedist is het mooiste beroep dat er is, vindt student Mara Fledderman. Toch hebben veel mensen een te simpel beeld van het vak. Met een zelfgeschreven én geïllustreerd prentenboek wil ze daar wat aan doen.

De missie van Mara is helder: het veranderen van het eenzijdige beeld dat mensen hebben van het werk van een logopedist. Daarmee hoopt ze er voor te zorgen dat meer jonge mensen zullen kiezen voor de opleiding Logopedie.

“Als je iemand vraagt wat een logopedist doet, krijg je antwoorden als: die helpt kinderen die stotteren, slissen of de letter ‘r’ niet kunnen uitspreken. Allemaal spraak gerelateerde problemen. Maar logopedie is zoveel breder dan dat! Een logopedist helpt cliënten van alle leeftijden, van 0 tot 100 en ouder. En het gaat verder dan spraaken taalontwikkelingsstoornissen. Er zijn bijvoorbeeld ook mensen die problemen hebben met slikken, eten en drinken of ademhalen.”

Artistieke interventie

Dus toen Mara vorig schooljaar de minor ‘Kunst en creativiteit’ volgde en de opdracht kreeg om een artistieke interventie te ontwikkelen rondom een knelpunt uit het eigen vakgebied, wist ze al snel waar het over moest gaan. “En naast taal vind ik schilderkunst ook heel leuk, ik heb altijd veel geknutseld, getekend en geschilderd. Daarom dacht ik: laat ik die twee combineren. Zo kwam ik uit op een prentenboek.”

De hoofdpersoon in haar boek ‘De Spraakmakerij’ is het jongetje Lars, dat dol is op babbelen, vertellen en vragen stellen. Door een aantal ontmoetingen komt hij erachter dat praten niet voor iedereen vanzelfsprekend is. “Hij komt bijvoorbeeld een man tegen met afasie, een taalstoornis veroorzaakt door een beroerte of hartinfarct.” Langzaam komt bij Lars het besef: hij wil mensen helpen hun woorden terug te vinden. Op de laatste bladzijde van het prentenboek vraagt zijn juf aan alle kinderen in de klas wat ze willen worden als ze groot zijn. ‘Later word ik logopedist!’, zijn de laatste woorden van Lars in het boek.

Innovatieprijs

Mara kreeg veel positieve reacties op haar boek. “Ik heb mijn minor afgerond met een ‘uitmuntend’, ze waren er echt heel enthousiast over. En er kwamen direct al mensen naar me toe die aangaven dat ze het boek wilden kopen. Allemaal super lieve, leuke en enthousiaste reacties. Daardoor heb ik aangedurfd om het boek te laten uitgeven. Zonder al die respons had ik dat nooit gedaan.” Inmiddels zijn er meer dan honderd exemplaren van ‘De Spraakmakerij’ verkocht en ligt het boek in wachtkamers van verschillende logopediepraktijken. Ze bracht het boek – uiteraard – ook onder de aandacht binnen haar eigen opleiding. “Ik had er eentje op de docententafel gelegd. Ik begreep dat veel docenten ‘m hebben gelezen.” Iets later kreeg Mara tot haar verrassing een mailtje van de opleidingsmanager met de vraag of ze haar boek wilde insturen voor de NVLF Innovatieprijs, een wedstrijd voor logopediestudenten georganiseerd door de beroepsvereniging, om innovatieve logopedische ideeën en producten te stimuleren.

Ze won de prijs. “Dat is best uitzonderlijk, want ik zat toen in het tweede jaar terwijl er voornamelijk vierdejaars studenten meedoen met hun afstudeerproject. Ik had mijn boek niet ingestuurd met het idee dat ik zou winnen. Dat was dus een leuke uitkomst!”

Speciaal onderwijs

Mara wil later als ze zelf ‘groot’ is, het liefste werken op een school voor speciaal middelbaar of basisonderwijs. “Het individuele contact van logopedie spreekt me aan, één op één werken met kinderen. Als je ze elke week meerdere keren ziet, ontstaat er als het goed is echt een groeiende lijn. Dat lijkt me heel mooi om te zien gebeuren.”

Dat logopedisten over het algemeen geen bakken geld verdienen, is voor Mara van ondergeschikt belang. “Er wordt door logopedisten inderdaad vaak gezegd dat ze meer zouden mogen verdienen, zeker gezien het tekort. Maar ik hou mezelf niet bezig met wat straks mijn salaris wordt.” Lachend: “Mijn ambitie is niet om miljonair te worden.”


‘Mara is de ambassadeur van ons beroep’

De Zwolse opleiding logopedie telt tegen de driehonderd studenten. Jaarlijks levert ze zo’n veertig logopedisten af. En toch zijn de acht logopedie-opleidingen in Nederland gezamenlijk niet in staat om aan de stijgende vraag te voldoen. Afstudeerders vinden in no time werk. Om dat probleem aan te pakken moeten de opleidingen, de beroepsvereniging en de zorgverzekeraars de handen ineenslaan – maar de onbekendheid van het vak speelt ook een rol. Dat laatste geldt overigens niét voor de instromers, weet logopedist Ineke de Groot:

‘De studenten die voor deze opleiding kiezen hebben meestal goed in de smiezen dat de opleiding heel breed is, dat je als logopedist niet alleen met kinderen werkt, maar dat heel veel organisaties en instanties tegenwoordig een beroep doen op logopedisten. Ze worden ook vaak gedreven door de wens om mensen te helpen.’

Opleidingsmanager Mieke Steenhuis: ‘Je ziet ook dat de uitval heel beperkt is, en dat studenten vaak besluiten om toch door te gaan, juist omdat ze dat laatste zo belangrijk vinden.’

De opleidingen worden overvraagd, door de grote uitval van kinderen in het reguliere schoolsysteem, en door de grote nadruk tegenwoordig op communicatieve zelfredzaamheid. Daardoor wordt goed leren spreken steeds belangrijker.

Die “baangarantie” trekt ook weer zij-instromers aan, denk ik zo.

Steenhuis: ‘Dat klopt, er zijn veel mensen die bij ons aankloppen omdat ze zich willen omscholen tot logopedist. Deze studenten hebben vaak al een master taalwetenschappen bijvoorbeeld gedaan en zijn heel erg gemotiveerd. We zijn aan het onderzoeken welke opleidingsvariant daarbij past. Daarvoor hebben we ook de praktijkorganisaties en de zorgverzekeraars nodig, zodat we mooie leerwerkplek-constructies kunnen maken. Met deze uitdaging zijn we nu landelijk aan de slag, met de verschillende hogescholen.

De beroepsvereniging heeft Windesheimstudent Mara Fledderman de Innovatieprijs 2025 gegeven voor haar boek ‘De spraakmakerij’. Een mooie opsteker voor de opleiding. Maar wat is er innovatief aan het boek?

De Groot: ‘Mara heeft hele mooie invalshoek gekozen. Logopedisten schrijven meestal leerboeken over allerlei aspecten van hun vak. Mara maakte een prentenboek over het beroep in de breedte: álle stoornissen, alle leeftijdscategorieën, en dat alles heel mooi en duidelijk gepresenteerd. Zo brengt ze het vak voor een breed publiek. We zijn echt trots op haar.’

Steenhuis: ‘Ze is daarmee de ambassadeur geworden van ons beroep. En dat is goed want logopedie opleidingen zijn bescheiden als het gaat om profilering.’

De Groot: ‘Logopedisten hebben heel sterk dat gevoel van mensen helpen, dienstbaar zijn, en willen dus ook niet opscheppen over wat ze doen.’ Steenhuis: ‘Dus zijn we heel blij met studenten zoals Mara.’

tekst: Wouter van Emst
foto’s: Herman Engbers

En verder

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *